Open en gastvrije gemeente

De sociale en economische integratie van vluchtelingen is niet alleen belangrijk voor hun eigenwaarde, maar ook voor de samenleving. We moeten erop toezien dat ze geen nieuwe economische onderklassen worden.

Ook binnen de lokale verenigingen en buurten is er ruimte voor nieuwe burgers. Solidariteit wordt één van de grootste uitdagingen voor de toekomst.

  1. Housing First – Er moeten voldoende betaalbare woningen ter beschikking zijn. Doorgangswoningen of leegstaande panden in de gemeentekernen kunnen heringericht worden tot woning. Ook de procedure voor het toekennen van een OCMW-huurwaarborg moet vlot verlopen en maatregelen als het huurgarantiefonds en de huursubsidie van de Vlaamse Overheid moeten bekend zijn bij vluchtelingen.
  2. Aanmoedigen tot werk – Via tijdelijke werkervaring of lokale diensteconomie willen we vluchtelingen integreren in de arbeidsmarkt, we houden rekening met hun graad van scholing. 
  3. Leerkansen Nederlands – We willen dat er meer mogelijkheden en ontmoetingen zijn om Nederlands aan te leren, met speciale aandacht voor alleenstaande moeders. Verenigingen kunnen hier veel betekenen.
  4. Contacten leggen – brugfiguren – We gaan na op welke manier een band kan gecreëerd worden met (groepen) nieuwe inwoners. Nieuw en onbekend betekenen niet noodzakelijk slecht of een stap achteruit zetten.
  5. Accent op onderwijs – kinderen en jongeren – We volgen de situatie van pasgeboren kinderen en leerplichtige kinderen/jongeren op en zetten daarbij in op vlotte contacten met onze inwoners met een buitenlandse achtergrond. We voorzien aanspreekpunten en contacten. 
  6. De weg tonen naar Kind en Gezin, kinderopvang, kleuteronderwijs … - We stimuleren het deelnemen aan verschillende kinder- en jeugdinitiatieven of evenementen in onze gemeente, zoals jeugdbewegingen, jeugdhuizen, kinder- en jongerenevenementen.

Dialoog en lokale armoedetoets

Ook mensen in armoede moeten de kans krijgen om hun stem te laten horen, daarom komen we hen tegemoet door de drempel naar hulp- en dienstverlening te verlagen. 

  1. Contact met gespecialiseerde verenigingen – Via een lokale Welzijnsschakel, een vereniging waar arme mensen het woord nemen en dat een initiatief is van samenlevingsopbouw, kunnen middenveldorganisaties deze groep bereiken.
  2. Lokale armoedetoets – Met een lokale armoedetoets testen we gemeentelijke beleidsbeslissingen aan hun effect op armoede en op mensen in armoede.
  3. Investeren in dialoog – In een veilige en vertrouwde omgeving vertellen mensen wat hun bezighoudt en wat er beter kan. Zo investeren we in de dialoog van personen in armoede met de betrokken organisaties, en omgekeerd.
  4. We stellen een schepen van armoedebestrijding aan en zorgen voor de juiste middelen en instrumenten om armoede daadkrachtig aan te pakken.
  5. We zorgen voor zoveel mogelijk automatische rechtentoekenning en de maken gebruik van een budgetstandaard als referentiekader bij het toekennen van extra financiële steun. Ook steunen en vormen we armoedevaardig onderwijspersoneel.

Gendersensitief lokaal beleid

Vrouwen hebben recht op dezelfde kansen als mannen. Dat betekent niet dat het beleid voor iedereen hetzelfde moet zijn, integendeel. Omdat niet iedereen dezelfde kenmerken, noden, kennis of competenties heeft, kan niet iedereen over dezelfde kam geschoren worden.

  1. Schepen en ambtenaar Gelijke Kansen – Deze functie blijft behouden. Beiden geven gestalte aan een gendersensitief beleid en zien erop toe dat het perspectief van vrouwen mee wordt opgenomen in het beleid.
  2. Gendersensitief beleid – Een genderspecifiek beleid uit zich op verschillende vlakken:
  3. Een personeelsbeleid dat voldoende flexibiliteit op maat van het gezin toelaat.
  4. Een aanwervings- en promotiebeleid dat vrouwen evenveel kansen biedt.
  5. HR-beleid en een politiebeleid dat klachten rond seksuele intimidatie en pesterijen ernstig neemt en voor een veilig klimaat zorgt.
  6. Toegankelijke openbare toiletten op drukbezochte plaatsen

Diversiteit in het schoolbeleid 

We tekenen voor een inclusiebeleid waarbij diversiteit niet als een aparte uitdaging wordt beschouwd, maar de kern vormt van het pedagogisch handelen. Elke leerling moet zich welkom voelen op school, moet kansen krijgen om zich te ontplooien. Meertaligheid wordt daarbij als een meerwaarde gezien. Ook in het personeelsbeleid in scholen moet er meer aandacht zijn voor diversiteit.

Geen enkele ouder mag het gevoel hebben niet au sérieux genomen te worden. We dagen leerkrachten uit om met open geest naar de diversiteit in de klas te kijken en de positieve krachten te zien. Schoolbesturen en directies worden gestimuleerd om leerkrachten met een allochtone achtergrond voor de klas te zetten.

  1. Diversiteit is het nieuwe normaal. Via het flankerend onderwijsbeleid en via de LOP’s willen we het inclusiebeleid hoger op de agenda zetten.
  2. Diversiteit in het leerkrachtenkorps – We gaan de kansen om diversiteit te brengen in het personeelsbeleid in de gemeentelijke school niet uit de weg. Positieve rolmodellen helpen om bij leerlingen een positief zelfbeeld en een positief toekomstperspectief te ontwikkelen, om de drempel naar allochtone ouders te verlagen, de communicatie te verbeteren en de ouderbetrokkenheid te verhogen. 
  3. Goede praktijken rond ouderbetrokkenheid – Heel wat scholen hebben al goede ervaringen met projecten en methodes die specifiek gericht zijn op het verbeteren van ouderenbetrokkenheid. 
  4. Vorming rond sociale codes van leerkrachten – Het is belangrijk dat alle leerkrachten vorming krijgen rond inclusiebeleid, want vaak zijn ze zich niet bewust van hun eigen vooroordelen tegenover leerlingen met een andere culturele achtergrond.
  5. Projecten voor en door allochtonen - Stilaan ontstaan er projecten voor en door allochtonen die gericht zijn op een betere ondersteuning van leerlingen in het onderwijs. Dat gebeurt door leerlingen en hun ouders meer inzicht te geven in ons onderwijssysteem, door hen via rolmodellen uit de eigen gemeenschap te stimuleren om het beste uit zichzelf te halen, door huiswerkbegeleiding en coaching bij de studiekeuzebegeleiding. We steunen deze projecten en stimuleren de samenwerking van de gemeentelijke school met de andere scholen.
  6. Kleuterparticipatie – Een goede schoolcarrière begint bij kwaliteitsvol kleuteronderwijs, kinderen leren er namelijk spelenderwijs de taal en competenties. Het is een goede voorbereiding op de lagere school. Toch gaat zo’n 4 % van de 4-jarigen niet naar school, dat kan volgens ons niet en we zetten meer in op kleuterparticipatie.

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.